Bijna 4 op de 5 docenten herkennen signalen mensenhandel niet

Bijna 80 % van de leraren in Nederland geeft aan niet in staat te zijn om mensenhandel te signaleren. Uit onderzoek van het CKM blijkt dat leraren vinden dat er op scholen onvoldoende aandacht is voor mensenhandel. Dit is zorgelijk, want juist leraren zijn één van de belangrijkste spelers in het signaleren van mensenhandel. 

Jaarlijks zijn er ongeveer 6500 mensen het slachtoffer van seksuele, criminele en arbeidsuitbuiting. Dit zijn ongeveer 2 slachtoffers per middelbare school. Leraren zien leerlingen dagelijks. Zij hebben dan ook een cruciale rol bij het signaleren van mensenhandel. Ook bij alleen zorgen is het belangrijk om in actie te komen. Scholen komen vaak pas in actie als het te maken krijgt met mensenhandel.

Afschuwelijke verhalen

Bij Sterk Huis bieden wij een warme en veilige plek aan meiden en jongens die slachtoffer zijn van mensenhandel. Ons doel is om deze meiden en jongens de regie terug te geven en te laten voelen dat ze er echt toe doen. Wanneer slachtoffers pas na jaren misbruik en uitbuiting bij ons komen zijn de problemen vaak ontzettend groot en afschuwelijk. Dat slachtoffers eerder worden gezien en  gehoord is dus ontzettend belangrijk. Zo kunnen we de juiste hulp bieden en verdere escalatie voorkomen.

Signalen mensenhandel

Er zijn een aantal signalen die erop kunnen wijzen dat iemand slachtoffer is van mensenhandel. Deze signalen kunnen per vorm van mensenhandel verschillen, maar hebben ook veel overeenkomsten. Per vorm hebben wij een signalenkaart gemaakt.De signalenkaarten kun je hier downloaden. Ook biedt Sterk Huis trainingen in het signaleren en hoe te handelen bij mensenhandel op scholen.

‘Eindelijk werden we gehoord, geloofd en begrepen’

Dat een investering in een betere signalering noodzakelijk is lees je ook in het verhaal van een moeder van een 15jarige loverboyslachtoffer. Veel te lang kregen zij niet de juiste hulp. Lees het ingrijpende verhaal hieronder:

Mijn verhaal begint ruim anderhalf jaar geleden. Ik dacht het goed voor elkaar te hebben. Een man, drie schatten van kinderen, letterlijk huisje-boompje-beestje. Dan uit het niets loopt ‘s avonds onze jongste dochter weg.  De telefoon van onze dochter staat uit. Ik bel al haar vrienden en mijn man rijdt als een dolle door het dorp. Zonder resultaat. Niemand heeft haar gezien of gesproken. We zijn het spoor bijster. De politie komt langs en denkt: “Vast weer zo’n opstandige tiener met ouders die niet weten wat opvoeden is.” Het eerste stempel hebben we te pakken. Tussen neus en lippen door wordt ons wel even verteld dat onze dochter om half vijf ‘s nachts bij een controle op een industrieterrein is gezien. Lees hier verder