Wat mij is overkomen, kan niet …

protest voor vrouwen en hun rechten

Minister Grapperhaus wil alle vormen van onvrijwillige seks strafbaar maken als verkrachting


Veel slachtoffers van seksueel misbruik staan twee keer alleen. Tijdens de traumatische gebeurtenis én tijdens het proces van aangifte, waarbij ze vaak met lege handen staan bij gebrek aan bewijs. Hoe toon je aan dat je écht niet instemde wanneer er geen harde bewijzen zijn en de dader blijft ontkennen?

Onvrijwillige seks kan gepaard gaan met groot verzet, maar het kan ook gebeuren dat een slachtoffer verstijft of bevriest en de dader laat begaan. Verstijving is (net als vluchten en vechten) een bekende reactie op angst. In deze situatie kan een slachtoffer zich niet uiten of verzetten, wat later de gang naar de rechtszaal bemoeilijkt. Want hoe bewijs je dat het om onvrijwillige seks ging?

Strafbaar
Minister Grapperhaus wil daarom seks zonder instemming nadrukkelijker strafbaar maken: óók seks tegen de wil zonder verzet. Als iemand ‘behoorde te weten’ dat de ander geen seks wilde, maar daar niet naar handelde, wordt dat voortaan ook aangemerkt als verkrachting.

Bij Sterk Huis zien wij deze modernisering van de wet – en daarmee een betere bescherming van slachtoffers van seksueel geweld – als een belangrijke ontwikkeling. Nog veel te vaak halen schrijnende zaken de rechtszaal niet en krijgen daders het voordeel van de twijfel. Dat komen wij tegen in ons werk, maar lezen we ook regelmatig in de krant. Denk bijvoorbeeld aan de recente beschuldigingen van intimidatie, aanranding en verkrachting aan het adres van kunstenaar Julian Andeweg, waar de politie lange tijd geen onderzoek naar instelde.

Wel of geen aangifte?
De zakelijke houding van de politie is niet onbekend voor ons. Hoewel de politie het verhaal van slachtoffers vaak gelooft en natuurlijk wil dat het recht zegeviert, moet een zaak bewijsbaar zijn. De politie beoordeelt de situatie daarom vanuit een juridisch oogpunt en stelt kritische vragen, waardoor slachtoffers zich aangevallen kunnen voelen en ontmoedigd raken om aangifte te doen. En veel jongeren die wél aangifte doen, krijgen spijt. Het lange en ingewikkelde proces levert vaak alleen maar frustraties en herbelevingen op, maar geen erkenning en veroordelingen.

De tijd zal het leren …
Het nieuwe wetsvoorstel draagt bij aan erkenning voor de slachtoffers: overschrijding van de grens is onacceptabel. Maar of het verder gaat helpen, is nog de vraag. Het roept namelijk nog steeds veel juridische vragen op. Feit blijft dat bijna alle zaken in deze categorie zich afspelen zonder getuigen en dat de twee betrokkenen elkaar blijven tegenspreken. Dankzij de nieuwe wet komen deze zaken vast sneller bij de rechter terecht, maar leidt dat vervolgens ook tot de juiste veroordelingen? De tijd zal het leren.

Statement
Hoe dan ook zien wij het nieuwe wetsvoorstel als een stap richting rechtvaardigheid en erkenning. Als een statement, wat aansluit bij een grote maatschappelijke trend. Steeds meer mensen treden naar buiten met hun verhaal (denk aan #metoo). Ze leggen de schuld niet langer bij zichzelf neer, maar bij de dader. Ze willen erkenning: wat mij is overkomen, kan niet. Iets ondergaan is niet hetzelfde als toestemming geven. Bevriezen is niet hetzelfde als toegeven. Niemand mag ongevraagd aan je lijf komen.