Jongeren beter begeleiden door openheid over middelengebruik

 “Werk je met jongeren, dan kom je in aanraking met drugs. Daar kun je in deze tijd niet meer omheen”, stelt Jenneke van Oorschot, een van de kartrekkers van het Innovatietraject ‘Samen voorbij verslaving’ van Sterk Huis en Kentra24, de jongerenkliniek van Novadic- Kentron. “Wegkijken of jongeren wegsturen werkt averechts; we moeten het gebruik juist bespreekbaar maken, zodat we hen kunnen helpen te minderen en uiteindelijk te stoppen.”

Jenneke is sociaal pedagogisch medewerker bij Sterk Huis. In het Tilburgse Fasehuis begeleidt zij jongeren naar een vorm van zelfstandig wonen. “Onze jongeren zijn veelal bekend met de jeugdzorg en weten goed dat drugsgebruik een no go is. Tegelijkertijd zien we hoe moeilijk het is. Zij hebben vaak zo veel meegemaakt en proberen de pijn met drugs te verdoven. Uit angst om weggestuurd te worden, liegen ze erover of trekken zich terug. Dat brengt ons in een lastige situatie: je kunt geen vertrouwen opbouwen als je urine controles uitvoert en kamers controleert. Je wilt het gesprek aangaan: wat haal jij uit je gebruik, zou je met minder toekunnen, hoe kunnen wij je helpen? Ontken of veroordeel je het, dan verlies je het contact. Het is frustrerend om iemand de deur te moeten wijzen, wetende dat de jongere dan slechter af is.”

Tussen wal en schip

Drugsgebruik binnen de hulpverlening is een kwetsbaar onderwerp. Hier zien we hoe regelgeving en (organisatie)beleid ingehaald worden door maatschappelijke ontwikkelingen. Het taboe is nog groot en jongeren met de combinatie van pittige problemen vallen daardoor vaak tussen wal en schip. Afgewezen door de jeugdzorg vanwege hun verslaving, en afgewezen door de verslavingszorg omdat ze onvoldoende gemotiveerd zijn. Jenneke geeft een voorbeeld uit de praktijk: “Rick (een fictieve naam) kwam bij ons wonen met ernstige problemen, hij gebruikte soft- en harddrugs, had geen dagbesteding en vertoonde grensoverschrijdend gedrag. Daarop werd hij voor zes maanden opgenomen bij Kentra24. Terug in het Fasehuis, kreeg hij binnen twee weken een terugval. Omdat de financiering voor Kentra24 gestopt was en wij niet voldoende middelen hadden om hem goed te begeleiden, is het traject na een aantal maanden gestopt. Met grote gevolgen, zowel voor Rick als zijn omgeving.” Rick is helaas geen uitzondering en hét voorbeeld van de behoefte aan een andere aanpak. Zo vonden de twee experts op dit gebied elkaar: Sterk Huis en Kentra24. In het Fasehuis startten zij vorig jaar de verkenning Samen voorbij verslaving. Hierin creëert een team bestaande uit drie expertises (professionals uit de jeugdzorg, verslavingszorg en ervaringsdeskundigen) een veilige omgeving met openheid over middelengebruik. Zodat zij de jongeren beter kunnen bereiken en begeleiden om het gebruik af te bouwen. Beide organisaties zijn partner in het Kennisnetwerk SJS (Samenwerkingsverband Jeugdzorg Specialisten) en pitchten het idee in het Innovatienetwerk Jeugd, waar het steun kreeg om verder uitgewerkt te worden.

Onderzoek door HAN-studenten

Twee vierdejaarsstudenten Pedagogiek van de HAN onderzochten in het najaar 2018 de vraag: ‘Wat hebben pedagogisch medewerkers in hun werk nodig om jongeren te begeleiden die cannabis gebruiken?’ Vooralsnog alleen gericht op cannabis omdat we in de praktijk zien dat drugsgebruik bijna altijd begint met blowen. Naast hun literatuuronderzoek, interviewden Romy Slaats en Lenneke Schellekens een aantal jongeren, ervaringsdeskundigen, medewerkers van het Fasehuis, de betrokken gedragskundige en teamleider. De resultaten worden op dit moment uitgewerkt, maar wat al opvalt is de grote behoefte aan meer kennis bij medewerkers. Jenneke beaamt dit: “Als je jongeren begeleidt, vraagt dat de nodige basiskennis over drugs en verslaving, maar ook inzicht in gedrag. Zien of iemand geblowd heeft, herkennen of iemand liegt, weten wanneer een zakje wit poeder cocaïne is en geen ‘tandenlijm voor Halloween’. Zeker in dat opzicht leren we veel van de twee ervaringsdeskundigen die aan het traject verbonden zijn.”

De echte verhalen

Eefje Cools (ervaringsdeskundige) en Wilma van den Oetelaar (medewerker met ervaringskennis) vanuit Kentra24, zijn een aantal dagen per week op groep. Als onderdeel van het team, maar met extra tijd om laagdrempelig contact te maken met de jongeren, bijvoorbeeld door samen boodschappen te doen, te koken of te sporten. Daarnaast nemen zij deel aan teamvergaderingen, casuïstiekbesprekingen, mentorgesprekken, deskundigheidsbevordering en intervisie. Ze signaleren, geven tips en adviezen. Eefje vertelt haar verhaal, zoals ze dat ook aan de groep deed. Over haar moeder die veel te jong overleed en haar vader die vertrok om op de kermis te gaan werken. Hoe ze als tiener begon met blowen om erbij te horen, en al snel overstapte op xtc, cocaïne en speed. Ze voelde zich er lekker bij, zegt ze eerlijk, het hielp om te ontspannen en minder verlegen te zijn. Op haar achttiende gebruikt Eefje dag en nacht en gaat het helemaal mis. Weggelopen van huis, verslaafd en blut komt ze uiteindelijk bij Novadic-Kentron terecht. Na een opname van vijf maanden en vervolgens een jaar begeleid wonen, is Eefje clean en wil ze met haar ervaringen andere jongeren helpen. Ze heeft de BBL-opleiding gevolgd en heeft binnen Kentra24 gewerkt als leerling ten tijde van haar opleiding. Inmiddels is ze werkzaam als ervaringsdeskundige binnen Kentra24. “Voorlichting op school of uit een boekje komt niet binnen bij jongeren”, weet Eefje. “Pas als ze de emotie, de worsteling zien van iemand die het heeft meegemaakt, dringt door wat ze te verliezen hebben. Maar dan nog, stoppen of minderen is een lange en zware weg.”

Weer perspectief zien

Openheid creëren is soms het juiste moment aangrijpen. Tijdens een activiteit met een van de jongeren, bracht Jenneke het gesprek terloops op zijn gebruik. Verbaasd zei hij: ‘Dit is de eerste keer in mijn leven dat ik hierover kan praten zonder verwijten of dreigementen’, later bedankte hij voor het goede gesprek. Jenneke: “Een mooi moment. Is dit bespreekbaar, dan kun je gaan werken aan de andere pijnpunten die de verslaving in stand houden en bouwen aan eigenwaarde, zelfrespect en vertrouwen in de samenleving. Een jongere die weer perspectief ziet, zal eerder geneigd zijn om minder te gebruiken.” Eefje voegt eraan toe: “Juist de afwijzing houdt de verslaving en het slachtofferschap in stand. Als je je gehoord en gezien voelt; weet dat je er mag zijn met je hele verhaal én je verslaving, dan pas kun je stappen maken.”

Echt verandering in gang zetten

De verkenningsfase is inmiddels afgerond en tot maart 2019 wordt de pilot doorontwikkeld. ‘Samen voorbij verslaving’ hoopt het taboe rondom middelengebruik binnen zorginstellingen te doorbreken. Zodat het bespreekbaar wordt, de jongeren meer inzicht krijgen en samen met de begeleiding stappen kunnen zetten naar minder gebruik en uiteindelijk stoppen. Want alleen door openheid kun je echt verandering in gang zetten. Dit alles vraagt om aanpassing van het beleid, deskundigheidsbevordering bij professionals en het creëren van een kweekvijver van ervaringsdeskundigen. Doel is uiteindelijk een methode te ontwikkelen die ook bij andere organisaties ingezet kan worden. In het voorjaar van 2019 deelt de projectgroep de eerste resultaten met het Innovatienetwerk. In de tussentijd denkt de begeleidingsgroep mee, hieraan nemen verschillende jeudgzorg professionals en jongeren deel van onder andere GGZ Breburg en Farent.