Training Steeds Sterker Academie: In gesprek met ex-plegers over schuld, schaamte en weerstand

123

Dinsdag 14 juni. Je kan een speld horen vallen in de trainingsruimte van Sterk Huis. Vier ex-plegers van huiselijk geweld zitten met hun rug gedraaid naar het publiek, bestaande uit Veilig Thuis-professionals. Tijdens de training van de Steeds Sterker Academie luisteren hulpverleners naar de indrukwekkende verhalen van Ray Zijlstra, Nicole Lebis, Brand Heek en Sylvia Vermeulen. De openheid van deze vier ex-plegers over de thema’s schuld, schaamte en weerstand laten de deelnemers ook eerlijk naar zichzelf kijken, want een hulpverlener is ook gewoon mens. En juist dát – het tonen van menselijkheid, het maken van écht contact met aandacht voor de eigen emoties, normen en waarden en soms ook gebreken – versterkt de werkwijze van een hulpverlener.

Om de beurt draaien Ray, Nicole, Brand en Sylvia zich om naar het publiek. Een moment van kwetsbaarheid. Gedragen door de aandacht en voelbare waardering van de deelnemers delen de vier ex-plegers in alle rust hun verhaal. Na donkere periodes in hun leven bewandelden zij het pad van herstel en helpen zij nu anderen met hun ervaringen.

Ray

“Mijn (groot)ouders zijn geboren in het toenmalig Nederland-Indië en droegen oorlogstrauma’s met zich mee. Ook de manier waarop zij in Nederland zijn opgevangen, gaf verdriet en frustratie, zonder erkenning en psychische ondersteuning. Dit vormde mij als puber. Opvoeding ging soms met de harde hand, een goede communicatie ontbrak. Later kon ik zelf ook geen stabiel en veilig leven creëren voor mijn partners en kinderen. Waar, wanneer en hoe ik de eerste klap gaf, is mij ontgaan.

Ook mijn ex-partner kwam uit een familie met oorlogstrauma’s. We waren allebei onmachtig om liefdevol met stress om te gaan. Soms zat ik tijdens ruzies letterlijk bovenop haar en bevond me in een lange, donkere tunnel. Bij één incident was onze driejarige dochter ooggetuige. De blik in haar ogen vergeet ik nooit meer. Hulpverleners moeten vragen durven stellen. De eerste keren hebben weinig invloed, ook ik was stronteigenwijs. Maar ik herinner me de mannen en vrouwen die daar doorheen prikten met échte vragen. Open en niet-veroordelend, maar wel recht door zee. Hoe voelt het als je klappen uitdeelt? Waarom gedraag je je zo agressief? Hoe was jouw verleden? Voel je misschien onmacht?”

Nicole

“Mijn moeder overleed toen ik 7 jaar was, mijn vader een jaar later. Ik verhuisde naar een kindertehuis. Tot mijn zestiende heeft geen enkele hulpverlener de dood van mijn ouders besproken. Op mijn achttiende moest ik op mezelf gaan wonen met een rugzak vol onverwerkte trauma’s en onderdrukte gevoelens. Ooit voelde ik me het meest veilig bij mijn vader. Dit gevoel vond ik terug in een gevaarlijke man, bij wie ik te maken kreeg met huiselijk geweld.

Jaren later stond ik op exploderen. Ik dronk steeds meer alcohol, slikte xtc-pillen en werd steeds agressiever. Ik ontmoette een andere man, zacht van karakter. Mijn spanningen bouwden zich op. We belandden in een vicieuze cirkel met ordinaire ruzies. Ik werd agressiever en gemener, hij banger en stiller. Ik maakte zijn kleding kapot, gooide water over zijn computer en zette een mes op zijn keel. Hij deed niets terug. Ik haatte hem intens: je ziet me niet, je hoort me niet, ik besta niet. Ik voelde de drang toenemen om hem te steken met het mes. Op een dag stond ik weer tegenover hem, maar vroeg mezelf plots af: waar ben je in hemelsnaam mee bezig?”

Brand

“Ik was vader geworden en kreeg een burn-out. Ik kon niet bij liefde en verbinding komen. Onze tweede was inmiddels ook in aantocht, maar thuis hadden we constant ruzie. De scheiding was complex. Mijn ex vertrouwde me niet alleen met de kinderen. Als de jongens bij mij waren, was ik super gespannen. Ik moest het goed doen. Als ze ruzieden, voelde ik mijn eigen onveiligheid. Mijn tanden stonden dan diep in mijn lippen. Soms pakte ik een slipper en sloeg daarmee keihard tegen de muur, om al mijn boosheid eruit te laten.

Op een avond riep ik: HOU JE MOND en smeet een theedoek in het gezicht van mijn jongste. Ik zag hem schrikken en zijn broer was ook meteen stil. Shit. Ik kan niet terughalen wat er daarna gebeurde, maar ik voelde me in die tijd heel alleen. Op een avond vroeg de buurman: gaat het? Nee, antwoordde ik voor het eerst eerlijk. Ik kom zelf uit een doorsnee gezin. Als mijn vader thuis was, zat hij helemaal in zijn eigen wereldje achter de krant. Er was nooit ruzie bij ons. Misschien was dat het wel. Alles wat ik voelde, kon ik maar beter niet voelen.”

Sylvia

“Ik was twintig jaar toen ik het leven leerde kennen van seks, drugs en rock & roll. Ik was vaak dronken en stoned en had op een avond seks met drie mannen. Daarna voelde ik me smerig en kon alleen nog maar met woede reageren richting mijn vaste vriendje. Ik werd geboren met de navelstreng om mijn nek en kwam blauw ter wereld. Toen ik anderhalf was, brandde ik mezelf aan een hete soeppan. De artsen dachten dat ik het niet zou redden.

Door het zuurstoftekort tijdens mijn geboorte praatte ik slecht en smakte ik vaak tijdens het eten. Iets wat mijn vader kon triggeren. Ik wist nooit wanneer papa zou ontploffen. Het asbakje dat ik voor hem maakte, smeet hij ook meteen kapot. Ik vond aandacht bij mijn opa, die me later seksueel misbruikte. Toen ik zelf moeder werd, kon ik alleen maar huilen. Hierdoor ontwikkelde mijn zoon een hechtingsstoornis. Later liep hij vaak weg van school. Toen ik hem uit onmacht op bed gooide en wilde slaan, raakte de blik in zijn ogen mij enorm. Zo voelde ik mij ook toen de kolenschoppen van mijn vader mijn keel grepen en ik dacht dat hij me zou vermoorden.”

Nagesprekken met aanwezige hulpverleners

De verhalen maken diepe indruk op de aanwezige hulpverleners en nodigen hen uit om kwetsbaarheid te tonen in de nagesprekken:

“Als moeder en helemaal als hulpverlener denk ik dat ik het altijd goed moet doen. Als ik mijn stem weleens verhef tegen mijn kind, voel ik meteen schuld en schaamte: oh jee, dit mag niet. Je wil nooit dat iemand bang voor je is.”

“Ik zit verschrikkelijk in de weerstand. Mijn kinderen hebben door een conflictscheiding geen contact meer met hun vader. Ik voel me daar schuldig over. Ik schaam me dat ik me nu zo kwetsbaar voel als hulpverlener, maar ik gebruik het ook als kracht in mijn werk.”

“Lange tijd had ik een kort lontje thuis. Er zijn geen excessen geweest, maar ik heb mezelf hard getraind om deze buien onder controle te krijgen. Ik merk dat ik tijdens mijn werk niet altijd de diepte in durf te gaan. Dat neem ik mee na vandaag: laat je eigen handicap niet je werk bepalen.”

“We zijn gewend om ons eigen verhaal weg te poetsen, er een mooie strik omheen te doen, maar uiteindelijk helpt het ons om eerlijk en gewoon mens te zijn in ons werk.”

“Ik werk al heel lang in deze sector, maar wauw, ik heb nog veel meer te leren. In mijn werk wil ik de lieve vrede bewaren, het veilig houden, niet teveel losmaken, maar gesprekken hebben veel meer nodig. We moeten stilstaan bij de persoon die tegenover ons zit en waar hij of zij vandaan komt.”

“We hebben als hulpverleners te weinig aandacht voor plegers, onze hulp is vooral gericht op slachtoffers. Maar plegers zijn door hun voorgeschiedenis ook vaak slachtoffers. Die openheid doet vandaag iets met ons. We moeten niet bang zijn voor écht contact. Je hoeft je eigen leed niet te delen, maar je kan het wel gebruiken bij het stellen van de juiste vragen.”

De training

Tijdens de training luister je naar de verhalen van vier ex-plegers van huiselijk geweld. Daarna ga je samen met de andere aanwezige hulpverleners het gesprek met hen aan, waarin je in alle openheid ervaringen uitwisselt en vragen stelt. Ook worden de thema’s schuld, schaamte en weerstand verder uitgediept in de training.

De kwetsbaarheid van de vier ex-plegers nodigt je uit om ook eerlijk naar jezelf te kijken. Wie ben jij als mens, wat draag je mee en hoe bepaalt dat jouw werk? Wat is jouw betekenis als hulpverlener? Durf jij – eventueel vanuit eigen ervaringen – de diepte in te gaan, contact te maken en te geven wat iemand écht nodig heeft?

Gun jezelf deze extra verdieping in je werk: meld je aan. De training duurt van 9:00 tot 13:00 uur en kan incompany gegeven worden. Voor meer informatie: annemarieraes@sterkhuis.nl