Fier En Sterk

Eens beschadigd betekent niet voor altijd een verloren leven. Fier en Sterk Huis vangen slachtoffers van mensenhandel op en zetten ze weer rechtop, in hun kracht. Zodat ze verder kunnen in de maatschappij en kunnen bouwen aan hun toekomst. Eentje waarin ze hun dromen kunnen en durven najagen. Want wie droomt, kan de wereld veroveren.

MARIANNE (29) WERKTE ZES JAAR ONDER DWANG VAN EEN POOIER

‘Kom maar op, denk ik, kom maar op met dat leven’

‘Ik ben mishandeld, misbruikt, bedreigd en vernederd. Maar ik leef nog.’ ‘Mijn jeugd was al niet stabiel. Mijn ouders gingen scheiden toen ik nog heel jong was, mijn stiefmoeder gebruikte me als sloof, op school werd ik gepest en toen ik even jaar oud was, ben ik door mijn oppasbuurjongen misbruikt. Op mijn dertiende ben ik uit huis geplaatst met de belofte dat ik snel weer naar huis mocht. Nou, ‘thuis’ heb ik nooit meer teruggezien. Ik heb overal gezeten: internaten, leefgroepen, jeugdzorginstellingen en in de jeugdgevangenis. Daar zat ik op mijn veertiende in een cel tussen de criminelen. Terwijl ik niets had misdaan. Nu denk ik wel eens: had ik toen maar goeie hulp gehad, dan was ik misschien nooit in handen gevallen van een pooier.

Hoteldebotel was ik en net achttien. Ik ontmoette hem tijdens het stappen, hij was zó leuk. Binnen een maand had hij me achter het raam en werkte ik zo’n tien klanten per dag af. Walgelijk. De eerste weken voelde ik me verdoofd, alsof ik buiten mijn eigen lichaam trad. Later kon ik de knop omzetten.

Zes jaar lang heeft het geduurd. Ik werkte in verschillende steden, bijna altijd onder dwang van een pooier – het geld dat ik verdiende moest ik afstaan. Mijn leven was een strijd. Ik was vreselijk eenzaam, had niemand om mee te praten. Alleen mijn hondje Teddy was er voor me. Ik was totaal op, en verslaafd geraakt aan cocaïne. Het omslagpunt kwam toen een klant voorstelde om op mijn peeskamer coke te roken. Daar schrok ik van. Als ik dit doe, dan is het helemaal gebeurd met me, dacht ik. Toen kwam het besef: ik moet hier weg, ik heb hulp nodig.

‘Binnen een maand had hij me achter het raam en werkte ik zo’n tien klanten per dag af’

Een hulpverlener van Fier bracht me naar de opvang. Daar kwam ik tot rust. Na een tijdje vroegen ze me of ik in de Blooming Bakery, de bakkerij van Fier, wilde komen werken. Wat een openbaring! Al die jaren had ik gedaan wat anderen me hadden opgedragen, nu had ik voor het eerst in mijn leven iets voor mezelf. Iets wat ik écht leuk vond. Bij Fier stimuleerden ze me om een opleiding te gaan volgen, ze hielpen me zelfs met de financiering. Dat ik steun kreeg, was nieuw voor me, ik heb altijd alles in mijn eentje moeten doen. Nu waren er ineens mensen die wilden dat ik zou slagen in het leven. Super lief!

Ik zit nu in het derde jaar van de bakkersvakopleiding, volgend jaar studeer ik af. Het is zwaar – mijn rekenen zat op basisschoolniveau – maar ik zet door. Mijn droom is om na mijn opleiding terug te gaan naar de bakkerij van Fier en daar meiden te helpen die hetzelfde hebben meegemaakt als ik. Zodat ik iets kan terugdoen. Ik kreeg een restart, die gun ik anderen ook. Nee, ik ben er nog niet, maar ik wéét dat ik het kan. Mijn doorzettingsvermogen is mijn kracht. Kom maar op, denk ik, kom maar op met dat leven. Ik ben er klaar voor.’

*De namen van Marianne en haar hondje zijn veranderd

 

ANNA (25) VIEL IN HANDEN VAN EEN LOVERBOY

‘Ik wil van mijn negatieve ervaring iets positiefs maken’

‘Ik was 20 toen ik H. leerde kennen. Hij was charmant, aantrekkelijk en 12 jaar ouder, een echte man. Ik werd verliefd en we kregen een relatie. Dat hij een crimineel verleden had en net uit de bak kwam, nam ik voor lief. Het leek namelijk echt alsof hij zijn leven wilde beteren.

Na drie maanden werd H. steeds bezitteriger. Hij wilde constant weten waar ik was en checkte mijn telefoon. Toen ik een keer een van mijn vriendinnen appte zonder zijn toestemming, kreeg ik de eerste klap. Ik was verbaasd en geschrokken, maar H. begon meteen heel hard te huilen. Hij bood zijn excuses aan en zei dat hij helemaal niet zo wilde zijn. Dus ik vergaf hem.

‘Dat hij een crimineel verleden had en net uit de bak kwam, nam ik voor lief.’

Het ging even goed, maar later werden de mishandelingen erger. Slaan, schoppen, wurgen… Alles heeft hij gedaan. Ook ging hij stelselmatig vreemd. Toch bleef ik bij hem. Op een gegeven moment had hij me zo toegetakeld dat ik op de eerste Hulp terechtkwam. We zaten samen te huilen op de gang. Toen ik vroeg hoe het ooit nog goed kon komen tussen ons, opperde hij dat ik als prostituee kon gaan werken. Hij zei dat we met het geld dat ik verdiende supersnel een eigen appartement konden kopen. Ik heb een tijdje geprotesteerd, maar dat idee van samen ons eigen plekje trok me uiteindelijk over de streep.

Ondanks dat er geld binnenkwam, werd H. steeds gewelddadiger. Steeds vaker zei hij dat hij niet wist wat hij met me moest doen. Toen drong het tot me door dat hij me zou vermoorden als ik niet snel zou ingrijpen. Dat besef opende mijn ogen. Ik heb de politie gebeld en die heeft me opgehaald. Zo kwam ik uiteindelijk terecht bij Sterk Huis. Daar zit ik nu nog steeds.

De gedachte aan mijn familie en vrienden heeft mijn leven gered. Ik heb zó’n sterk vangnet om me heen. Dat hield me op de been. Als zij er niet waren, had ik waarschijnlijk gedacht ’Fuck it, maak me maar dood’. Maar nu wilde ik leven.

H. is opgepakt en zit vast. Soms besef ik nog niet helemaal wat er is gebeurd. Het duurde ook even voordat ik inzag dat het niet vrijwillig was wat ik deed. Dat moest men echt tegen me zeggen. Ik was er namelijk van overtuigd dat dit mijn eigen keuze was. Als je echt van iemand houdt, gaat dat niet zomaar over.

‘Het duurde even voordat ik inzag dat het niet vrijwillig was wat ik deed’

Inmiddels gaat het beter met me. Ik krijg therapie, heb mijn opleiding weer opgepakt en loop zelfs stage bij Sterk Huis. Ik was nooit iemand die goed over haar gevoelens praatte, maar dat heb ik hier geleerd. Nu weet ik dat hoe meer ik erover praat, hoe beter ik alles kan verwerken.

Ik ben door het Ministerie van Volksgezondheid gevraagd om advies te geven en ga dit ook doen. Als ik in mijn leven ook maar één meisje kan helpen met mijn verhaal, dan wil ik dat. Dan kan ik van mijn negatieve ervaring tenminste nog iets  positiefs maken.’

*De namen van Anna en H. zijn veranderd.