Paul (67) en Sylvia (56) uit Tilburg bieden crisis- en kortdurende pleegzorg. Het idee ontstond aan de keukentafel. De jongste dochter van Paul studeerde Social Work en stelde op een dag een simpele vraag: is pleegzorg niet iets voor jullie?
“Dat vonden we eigenlijk een heel mooi compliment”, vertelt Sylvia. “Blijkbaar zag zij dat in ons. We wilden haar vraag daarom serieus nemen.”
Paul en Sylvia vormen samen een samengesteld gezin met zes inmiddels volwassen kinderen. Hun huis werd rustiger toen de kinderen uitvlogen, al schuift de familie nog regelmatig aan. “Vrijdag is hier frietdag”, lacht Paul. “Dan zit de tafel zo weer vol.”
Meteen duidelijk: crisisopvang
Na een informatieavond bij Sterk Huis wisten Paul en Sylvia eigenlijk meteen welke vorm bij hen paste. Geen langdurige, fulltime pleegzorg, maar crisisplaatsingen of anders kortdurende opvang.
Ze volgden de voorbereiding en werden uiteindelijk goedgekeurd als pleegouders. Daarna bleef het opvallend lang stil. Sylvia: “Op een gegeven moment gingen we zelfs twijfelen. We hadden gehoord: we weten genoeg, jullie kunnen dit. Maar als er vervolgens lange tijd geen match komt, ga je toch denken: zijn we eigenlijk wel geschikt?”
Totdat de telefoon ging. Er was met spoed een plek nodig voor een meisje van veertien. Paul en Sylvia maakten kennis en een paar dagen later verbleef ze al bij hen. “We wisten natuurlijk dat kinderen die pleegzorg nodig hebben vaak veel hebben meegemaakt”, vertelt Paul. “Ze dragen een rugzak met zich mee, de één een wat grotere dan de ander.”
Kleine stapjes
Het meisje had al op veel verschillende plekken gewoond en liet niet gemakkelijk iemand dichtbij komen. Paul herinnert zich iets kleins dat hem is bijgebleven. “Wij zwaaien altijd als iemand weggaat. Vanuit de deur of door het raam. Dat deden we bij haar dus ook. In het begin keek ze niet op of om. ‘Dat doe ik niet hoor’, was haar boodschap.”
Tot die ene dag. “Toen zwaaide ze terug”, zegt Paul. “Dat lijkt misschien helemaal niks. Maar voor ons was dat zo’n mooi moment. Ik heb meteen Sylvia geappt.” Het typeert volgens hen wat pleegzorg soms is. Geen grote doorbraak, maar kleine momenten waarop iets van vertrouwen ontstaat.
Sylvia: “Je moet niet beginnen met het idee dat jij iemand wel even verder gaat helpen. Je kunt vooral zorgen dat er een veilige plek is.” Het contact met het meisje is er jaren later nog steeds. Af en toe komt ze langs, ze appen of eten samen. “Wij waren er toen”, zegt Paul. “En we zijn er nog.”
Een huis waar het even rustig is
In de jaren daarna vingen Paul en Sylvia verschillende kinderen op. Soms heel kort, soms langer dan oorspronkelijk gedacht. Zo kwamen er op een dag drie jonge kinderen tegelijk bij hen terecht omdat er thuis onverwacht een moeilijke situatie was ontstaan. “Dan is het eerste wat je doet eigenlijk heel gewoon”, vertelt Sylvia. “Eten, een beetje landen, iets leuks doen. Niet meteen van alles willen.”
Een ander meisje kwam aanvankelijk alleen voor een korte vakantieperiode. Ze bleek meer tijd en nabijheid nodig te hebben en bleef uiteindelijk langer. “Zij was heel gesloten”, vertelt Paul. “Een gesprek voeren ging soms met veel moeite. Dus dan bakte ik tussen de middag een eitje. Je probeert gewoon iets van normaliteit te bieden.”
Een psycholoog gebruikte later woorden die Paul en Sylvia zijn bijgebleven: beschermde nabijheid. Sylvia: “Dat vonden wij een prachtig compliment. Want dat is eigenlijk precies wat we proberen te geven. Er zijn, zonder dat je alles overneemt.”
Je moet ook grenzen stellen
Een veilige plek bieden betekent voor Paul en Sylvia niet dat alles mag. Juist duidelijkheid hoort erbij. “Kinderen proberen dingen uit en soms bots je”, zegt Paul. “Je moet stevig in je schoenen staan. En je moet als partners ook goed met elkaar zijn, want pleegzorg komt letterlijk je huis en je relatie binnen.”
Ze zijn er daarom eerlijk over dat pleegzorg niet alleen maar mooie momenten oplevert. Privacy is soms ver te zoeken. Gedrag kan ingewikkeld zijn. Je krijgt te maken met hulpverlening en met kinderen die door eerdere ervaringen niet vanzelfsprekend vertrouwen hebben in volwassenen.
Tegelijkertijd proberen Paul en Sylvia niet te oordelen. “Geen enkel kind kiest ervoor om in zo’n situatie terecht te komen”, zegt Sylvia. “Dat hebben we kinderen hier ook altijd meegegeven: het is niet jouw schuld dat je nu in deze situatie zit.”
Verwacht geen dankbaarheid
Paul en Sylvia kiezen inmiddels bewust voor crisisopvang. Langdurige pleegzorg past niet bij hun leven. Ook bij dit soort plaatsingen ontstaat verbinding, maar anders. Sylvia: “Je moet soms juist een beetje voorzichtig zijn met hechting. Zelf zou je misschien graag een knuffel willen geven, terwijl een kind daar helemaal niet op zit te wachten. Je moet goed kijken naar wat een kind nodig heeft, niet naar wat jij graag zou willen geven.”
Daar zit volgens Paul ook een belangrijke les voor mensen die pleegzorg overwegen: verwacht niets terug. “Geen dankbaarheid. Geen groot gebaar. Daar moet je het niet voor doen.” Hij moet daarbij vaak denken aan zijn eigen jeugd. Als kind logeerde Paul een keer bij Betsie, een vrouw die bij het gezin hielp. De herinnering aan haar is, vele jaren later, nog altijd warm.
“Ik hoop dat een kind dat hier is geweest later ook zo kan terugdenken. Dat iemand over veertig of vijftig jaar denkt: daar was het even fijn. Daar mocht ik gewoon zijn.” Hij glimlacht. “Als we dát kunnen meegeven, is het al heel wat. En soms is een zwaai genoeg.”
Past pleegzorg ook bij jou?
Pleegzorg kan op verschillende manieren: voor korte of langere tijd, in een crisissituatie of juist in weekenden en vakanties. Ontdek welke vorm bij jou en jouw leven past. Lees meer over pleegzorg bij Sterk Huis: Pleegzorg | Wij helpen je graag verder | Sterk Huis.
